Nationaal Referentiecentrum Dyslexie

Dyslexie

Dyslexie betekent letterlijk beperkt (dys) lezen (lexis). Mensen die dyslectisch zijn, hebben niet alleen een hardnekkig probleem met lezen, maar ook met spellen. Dit komt doordat er in de hersenen geen goede koppeling wordt gemaakt tussen klanken en letters. Hierdoor hebben dyslectici moeite om een woord dat ze horen goed op te schrijven. Ook het lezen verloopt moeizaam omdat de letterklankkoppeling niet voldoende tot stand komt of niet goed is geautomatiseerd.

Dyslexie is geen leerprobleem, maar levert wel problemen op met het leren, omdat informatie schriftelijk wordt aangeboden en van leerlingen wordt verwacht dat zij hun taken ook op schrift aanleveren. Dyslectici kunnen een lage, normale of hoge intelligentie hebben.

Het is bekend dat dyslexie erfelijk kan zijn: vaak komt het meerdere keren in één gezin of familie voor. Het is ook mogelijk dat dyslexie voor het eerst voorkomt binnen een familie. Ongeveer 5 procent van de basisschoolleerlingen kampt met dyslexie en 3 tot 4 procent heeft een ernstige vorm van dyslexie.

Gelukkig kan dyslexie tegenwoordig goed worden behandeld. Het is belangrijk dat een zorginstelling wordt gekozen die werkt volgens het Protocol Dyslexie Diagnostiek & Behandeling (PDD&B) en die ook de resultaten van de behandeling wetenschappelijk kan onderbouwen. Instituten en praktijken die aangesloten zijn bij het NRD leveren informatie over hun behandelingen aan in de Nationale Databank Dyslexie. Hierdoor vindt een voortdurende kritische evaluatie van de zorgverlening plaats.